Bouw van Belgisch paviljoen op wereldexpo Dubai 2020 gestart

  •   30 okt 2019
  • Wouter Polspoel

Exact een jaar voor de opening van de wereldexpo in Dubai – op 20 oktober 2020 – zijn de werken aan het Belgische paviljoen gestart. De Green Ark, een ontwerp van het Brusselse Assar Architects en de Parijse ontwerper Vincent Callebaut waarmee België de kaart van duurzaamheid trekt, heeft een strategisch zeer interessante ligging. “De terreinen werden toegewezen volgens het principe first come, first serve en we waren er vrij snel bij”, aldus Patrick Vercauteren van BelExpo.

Het was het consortium BeMob dat na een Europese openbare aanbesteding het project toegewezen kreeg. BeMob bestaat uit twee architectenbureaus, Vincent Callebaut en Assar Architects, en bouwbedrijf BESIX. Creneau International staat in voor het interieurconcept.


Circulair gebouw

De Green Ark is een houten boog die steunt op twee pilaren en bekleed wordt met tienduizend lokale planten die CO2 opslaan en de binnentemperatuur 3 tot 5 graden verlagen. Het paviljoen is energiepositief en zal dus meer energie produceren dan het verbruikt. Het ontwerp is gestoeld op de principes van circulair bouwen. Er worden alleen gerecycleerde materialen gebruikt en de houten structuur is demonteerbaar en dus geschikt voor hergebruik.


Elegantie en soberheid verenigd

BESIX startte zopas met de funderingswerken. “Op een strategisch zeer interessante ligging”, vertelt Patrick Vercauteren, commissaris-generaal van BelExpo, een dienst van de FOD Economie die verantwoordelijk is voor de wereldexpo. “Er werd dan ook gewerkt volgens het principe first come, first serve en we konden vrij snel een plek kiezen. Daardoor ligt het paviljoen in een bocht, vlak naast een bushalte en niet ver van het hoofdstation van de metro. Bovendien is het al van ver zichtbaar. Onze directe ‘buur’ is Thailand en iets verderop komt het Franse paviljoen.”


Vier verdiepingen

“Het paviljoen wordt typisch Belgisch”, legt Vercauteren uit. “Het is een mix tussen de Latijn-romantische sfeer en de Angelsaksische strengheid. Elegantie en soberheid worden verenigd. Het gebouw krijgt vier verdiepingen en steunt op een boogconstructie, waardoor bezoekers op de begane grond onder het gebouw door kunnen wandelen. Daar zullen ze kunnen slenteren langs winkels met chocolade en Belgische souvenirs, fastfoodkraampjes met typisch Belgische snacks zoals wafels en frieten en drankgelegenheden waar alcoholvrij bier geschonken wordt. Voor bier mét alcohol moeten de bezoekers op de derde verdieping zijn."


Virtuele wandeling door België van 2050

Over wat er allemaal te beleven zal zijn in het paviljoen zelf wil Vercauteren nog niet te veel kwijt, al licht hij wel al een grote tip van de sluier: “De bezoeker wordt uitgenodigd om in het virtuele België van 2050 rond te wandelen, waarin alle mobiliteitsproblemen verleden tijd zijn. Zeven stripfiguren zullen de bezoekers begeleiden. Daarvoor werken verschillende uitgeverijen samen, wat een primeur is. Aan het einde van hun visite worden bezoekers zelf getransformeerd tot stripfiguur in een hologram.”

Volgens schattingen mag het Belgische paviljoen zo’n 15.000 bezoekers per dag verwachten. “De bedoeling is België internationaal op de kaart te zetten, mensen aan te sporen ons land te bezoeken en investeerders aan te trekken”, besluit Vercauteren.

Nieuws overzicht

Deel op social media