Pijnpunt voor circulair bouwen: gebrek aan wettelijk kader en aansprakelijkheid | circubuild.be

Pijnpunt voor circulair bouwen: gebrek aan wettelijk kader en aansprakelijkheid

  •   08 feb 2021
  • Wouter Polspoel

Architectura.be Podcast ging met Roos Servaes van Vlaanderen Circulair en Waldo Galle van VUB in gesprek over circulair bouwen en de struikelblokken in de transitie ernaartoe. In een vervolgreeks op deze website brengen we de neerslag van de tien besproken pijnpunten, in evenveel artikels. In dit artikel leest u de mening van de experten over het zevende struikelblok: het gebrek aan een wettelijk kader en aansprakelijkheid.

Het feit dat er nog niet echt een wettelijk kader bestaat rond circulair bouwen, zorgt er mee voor dat een circulaire bouwsector nog niet meteen voor morgen is. Er rijzen in die context vooral veel vragen rond de aansprakelijkheid van de architect, aannemer en fabrikant.  

“Ik denk niet dat er een heel ander juridisch kader moet worden opgezet”, vertelde Servaes in de podcast van onze zusterwebsite. “Ik denk dat het eerder een kwestie is van op een andere manier contracten op te stellen. Dat kan ook zonder dat heel het juridische kader rond bouwen anders moet zijn.”


“Veelgehoord argument”

“Het is een argument dat we inderdaad we vaker horen wanneer het gaat over meer geavanceerde stappen richting circulair bouwen”, erkende Galle. “Circulair bouwen zorgt immers voor nieuwe businessmodellen, waarin een fabrikant bijvoorbeeld prestatiegaranties aflevert en ook onderhoud aanbiedt. Dan moeten er inderdaad nieuwe afspraken worden gedefinieerd. Dat is een lacune die er nog is. Maar koplopers laten wel al zien wat de mogelijkheden zijn. Innovatieve materiaalproducenten en -leveranciers nemen bijvoorbeeld eenvoudige clausules op in hun contracten met de gebruiker waarin een restwaarde wordt overeengekomen, en ook hoe en onder welke voorwaarden een product wordt teruggenomen. Of in het geval van as a servicecontracten zien we hoe bijvoorbeeld het recht van opstal of erfpachtrecht als wettelijk kader worden ingezet om het onderscheid tussen wat roerend is en wat onroerend te bewaken. Hoewel de architect vaak onvoldoende juridisch onderlegd is, kan hij of zij die de brug maakt tussen de vormgeving en functionaliteit van het gebouw, op dat vlak wel een rol spelen.”

“Aan de andere kant, rond het hergebruik van materialen bestaan vandaag ook al heel veel modaliteiten. In bepaalde projecten werd al heel mooi geïllustreerd hoe je dat hergebruik in goede afspraken en een contract kan gieten.”

Servaes: “Wanneer we spreken over aansprakelijkheid in de bouwsector, merken we dat er weinig vertrouwen en transparantie is doorheen de keten: iedere partij werkt voor zichzelf en probeert haar eigen werk en kosten en baten te optimaliseren. Dat leidt niet noodzakelijk tot een globaal optimaal kosten-batensysteem over heel het waardenetwerk. Voor hergebruikte materialen, die niet in fabrieksomstandigheden werden geproduceerd, is het momenteel nog niet evident om hun technische prestaties goed te onderbouwen, zodat ze met vertrouwen toegepast kunnen worden in nieuwe projecten. Verdere concrete stappen – per materiaalstroom – zijn hierbij te zetten, waarbij vooral ook nieuwe afspraken tussen actoren nodig zijn om enerzijds aanpak van controle van technische prestaties maar anderzijds ook aansprakelijkheid vast te leggen zodat het wederzijds vertrouwen groeit en kosten en baten evenredig kunnen gespreid worden over het waardenetwerk.”


“Overheid kan rol spelen”

“Om ook nog even verder te gaan op het wettelijke kader: de overheid kan uiteraard nog wel verdere stappen zetten om meer milieuvriendelijke materiaalkeuzes te stimuleren door bijvoorbeeld bepaalde grenzen op te leggen aan de milieu-impact van gebouwen – via bijvoorbeeld TOTEM – waardoor gerecycleerde en hergebruikte materialen misschien interessanter worden. We merken dat het draagvlak voor dergelijke systemen wel begint te groeien omdat heel wat actoren zich meer en meer bewust worden van de impact van grondstoffen en hun ontginning. Naast de besparing op CO2-uitstoot tijdens het verwarmen van gebouwen groeit het inzicht dat men de CO2-impact ook drastisch kan verlagen via weloverwogen keuzes van materialen.”

In de volgende FAQ’s leest u meer over de (problematische) relatie tussen circulair bouwen en aansprakelijkheid van de betrokken partijen:

Welke obstakels staan circulair bouwen vooralsnog in de weg?

Wat moet de overheid doen om circulair bouwen te laten doorbreken?

Andere interessante links die hierbij aansluiten:

Publicatie 'Jurdische knelpunten bij circulaire economieprojecten' van Vlaanderen Circulair

Gerelateerde partners


Nieuwsoverzicht